Michael: “We hebben nu aan 25 à 30 projecten corona gerelateerde hulp gegeven en aan sommige projecten zelfs voor een tweede keer. Meestal in de vorm van geld zodat het meest urgente gekocht kan worden, te weten voedsel en zeep. Leraren en sociale werkers gingen op Curaçao en in Lima (Peru) de wijken in met voedselpakketten op zoek naar de kinderen die normaal op de dagopvang of op school eten. Er vindt wel terugkoppeling plaats na het ontvangen van corona gerelateerde hulp via een evaluatieformulier en het inscannen van bonnen.” “Wat betreft ons beleid voor de toekomst en duurzaamheid hebben we wel een paar slagen gemaakt”, vervolgt Michael trots. “Vanwege wereldwijde lockdowns werd er helaas heel weinig gevlogen. Marlies en ik hebben deze extra vrije tijd optimaal gebruikt en het moment vroeg er ook om. Er was ineens veel vraag naar noodhulp en het bedrag moest omhoog. Hoe beoordeel je zo’n aanvraag en doe je dat voor- of achteraf? Er waren onduidelijkheden dus het beleid moest worden aangepast. Ook wat betreft duurzaamheid. Hoe gaan we dat doen? We overleggen met iedereen en kijken naar veel zaken als goodies en bushcamp. Er gebeurt nu heel veel online. Een project kan digitaal laten zien wat er is gekocht en gedaan. Ondanks dat je er niet lijflijk aanwezig bent, heb je toch een idee van wat er gebeurt. Ook vergaderen doen we online. Zeer effectief en een veel hogere, digitale, opkomst dan normaal. Wel iets om vast te houden in de toekomst. Doordat corona om beleidsmatige veranderingen vraagt en doordat wij door corona zeeën van tijd hebben, is alles in een stroomversnelling geraakt. Dingen waar we anders maanden over hadden gedaan, doen we nu in één week.”